Jaarlijkse geldigverklaring van de sportschutterslicentie

De sportschutterslicentie wordt afgegeven voor een duur van vijf jaar, vanaf de datum waarop ze werd toegekend voor de eerste wapencategorie.

Ze blijft enkel geldig op voorwaarde dat de sportschutter jaarlijks aantoont dat hij aan de volgende voorwaarden voldoet:

  1. nog steeds actief lid zijn van een schietsportfederatie;
  2. niet veroordeeld zijn als dader of als medeplichtige wegens een van de misdrijven waardoor overeenkomstig de wapenwet geen wapenvergunning zou kunnen worden uitgereikt.

Hierna leggen we de te volgen procedure uit. De procedure is dezelfde voor de leden die behoren tot de categorie doelschieten en kleischieten.


1. Voorwaarden

Bij de aanvraag tot geldigverklaring zal de federatie onderzoeken of de sportschutter aan de twee voorwaarden voldoet:


a. Actief lid zijn van een schietsportfederatie

Schutters die geen lid meer zijn bij een schietsportfederatie, kunnen dus hun licentie niet laten geldig verklaren. Daarnaast moeten ze ook “actief lid” zijn. Een actief lid is een sportschutter die meer dan zes maand bij de federatie is aangesloten via een club en die, aan de hand van zijn sportschuttersboekje, kan aantonen dat hij aan minstens 12 schietbeurten, gespreid over minstens 12 verschillende dagen en over 2 trimesters heeft deelgenomen.

Bijvoorbeeld: Tom Lijn kreeg een sportschutterslicentie op 16 juni 2007. Hij is nog steeds lid van een schietsportfederatie. Zijn sportschuttersboekje vermeldt 5 schietbeurten in september, 7 beurten in oktober, 5 beurten in december. Hij kan nog als actief lid beschouwd worden.

Bijvoorbeeld: Zwarte Lola heeft een licentie afgegeven op 1 juli 2007. Ze heeft 15 schietbeurten gedaan in de maand mei. Zij is geen actief lid meer, vermits haar beurten alleen in het vierde trimester geschoten zijn. Haar sportschutterslicentie zal worden ingetrokken.

Hierbij is van belang dat de schietbeurten correct geregistreerd zijn in het sportschuttersboekje. De sportschutter, zijn wettelijke vertegenwoordiger en alle personen die betrokken zijn bij de registratie van de schietbeurten hebben de deontologische plicht het sportschuttersboekje correct in te vullen. De federatie en de toezichthoudende overheid verrichten regelmatig controles op de juiste registratie van de beurten.

Verder is het evident dat een sportschutter enkel aan sportschieten kan doen met een wapen dat behoort tot een wapencategorie waarvoor hij een (voorlopige) sportschutterslicentie heeft. De (voorlopige) sportschutterslicentie is immers geldig voor een bepaalde wapencategorie.

Bijvoorbeeld: Bert heeft een sportschutterslicentie die geldig is in wapencategorie B en D en werd afgegeven op 1 juli 2007. Bij de geldigverklaring legt hij een kopie van een sportschuttersboekje voor. Daarin staan 5 beurten in categorie B, 5 beurten in categorie D en 4 beurten in categorie A. Bert heeft geen 12 geldige schietbeurten, de beurten in wapencategorie A zijn immers ongeldig omdat Bert geen houder is van een sportschutterslicentie in deze wapencategorie. Zijn sportschutterslicentie zal worden ingetrokken.

De sportschutter moet er dus zelf voor zorgen dat hij voldoende schietbeurten heeft met een wapen dat behoort tot een wapencategorie waarvoor hij een sportschutterslicentie heeft. In het sportschuttersboekje kunnen dus enkel schietbeurten genoteerd worden in een wapencategorie waarvoor de sportschutter een (voorlopige) sportschutterlicentie heeft. Als dat een probleem stelt, kan een voorlopige sportschutterslicentie voor een andere wapencategorie bijkomend worden aangevraagd. Tevens is het mogelijk om de sportschutterslicentie geldig te laten verklaren in een bijkomende wapencategorie. Dit zal echter enkel kunnen als men bij de aanvraag kan aantonen “actief lid” te zijn.


b. Niet veroordeeld zijn voor sommige misdrijven

Zowel de wapenwet als het sportschuttersdecreet eisen dat de strafrechtelijke antecedenten van de sportschutter worden nagegaan. Dit gebeurt bij de jaarlijkse geldigverklaring. Er zal bij het aanvraagformulier een uittreksel uit het strafregister moeten worden gevoegd. Net zoals bij de aanvraag voor een sportschutterslicentie, moet dit een origineel zijn. Kopies worden niet aangenomen. Het document mag niet ouder zijn dan drie maanden, te rekenen vanaf de datum waarop de geldigverklaring wordt aangevraagd.

Bijvoorbeeld: Annelies Avermans kreeg een licentie op 1 juli 2007. Ze vraagt op 15 mei 2008 de geldigverklaring van haar licentie aan (tussen 1 mei en 1 juni). Het uittreksel strafregister moet in dat geval zijn afgegeven na 15 februari 2008.

Indien het uittreksel een veroordeling bevat, wordt het dossier verder behandeld door een specialist die dan bekijkt of de licentie nog kan worden geldig verklaard worden. Desgevallend kan de licentie dan worden ingetrokken als de veroordeling van aard is om wapenbezit uit te sluiten.


2. Procedure

Vooreerst moet de geldigverklaring “jaarlijks” gebeuren. Om te garanderen dat de geldigverklaring tijdig is gedaan, staat in het reglement van de federatie dat de geldigverklaring moet worden aangevraagd ten vroegste twee maand en ten laatste één maand voor de jaarlijkse vervaldatum. De vervaldatum is voor de eerste verlenging 1 jaar na de datum waarop de sportschutterslicentie is afgegeven in de eerste wapencategorie waarvoor ze geldig is.

Bijvoorbeeld: op de sportschutterslicentie van Andy Altijdraak staat: “Deze sportschutterslicentie werd afgegeven op 16 juni 2007. Ze blijft geldig tot 16 juni 2012.” In dit voorbeeld moet Andy Altijdraak elk jaar tegen 16 juni de geldigverklaring van zijn licentie aanvragen. Hij moet zijn aanvraag indienen tussen 16 april en 16 mei van elk jaar.

De aanvraag moet rechtstreeks bij de federatie gebeuren door de schutter zelf. Noch de clubs, noch de federatie zijn verplicht enige herinnering versturen. Het is de sportschutter zelf die er als enige voor verantwoordelijk is dat zijn sportschutterslicentie geldig blijft. Hij moet dus de kalender in de gaten houden en op het juiste ogenblik actie nemen.

De jaarlijkse geldigverklaring is gratis. In de prijs van de licentie zitten de vier jaarlijkse geldigverklaringen inbegrepen.

De aanvraag tot geldigverklaring gebeurt via een formulier model VL12. Bij dit formulier moeten volgende stukken worden gevoegd:

  • een aan zichzelf geadresseerde en gefrankeerde omslag;
  • een uittreksel uit het strafregister, dit moet een origineel zijn dat minder dan 3 maand oud is
  • een kopie van het sportschuttersboekje.

Het formulier VL12 moet behoorlijk worden ingevuld en ondertekend.

Als aan alle voorwaarden voldaan is, stuurt de federatie per kerende een “valideringsvignet” aan de sportschutter. Dit vignet, dat tegen namaak is beveiligd, vermeldt het nummer van de licentie en de geldigheidsperiode. Het vignet moet op de achterzijde van de licentie worden aangebracht in het vak “valideringsvignet” met het laagste jaartal (b.v. in het tweede jaar moet het in het vak "valideringsvignet jaar 2" worden gekleefd,in het derde jaar in het vak "valideringsvignet jaar 3", enz...)

Als het dossier onvolledig is, wordt het teruggestuurd naar de sportschutter waarbij wordt aangegeven welk stuk ontbreekt. De sportschutter dient dan een nieuwe, volledige aanvraag in te dienen.

Als blijkt dat de sportschutter niet aan de voorwaarden voldoet voor de geldigverklaring (b.v. onvoldoende schietbeurten, veroordeling, fraude met schietbeurten), wordt een beslissing tot intrekking van de sportschutterslicentie genomen.

Als de sportschutter na de vervaldatum van zijn sportschutterslicentie nog geen aanvraag tot geldigverklaring heeft ingediend, of als de aanvraag tot geldigverklaring te laat toekomt, zal de sportschutterslicentie onverwijld door de federatie worden ingetrokken. De sportschutter kan dan eventueel terug een voorlopige sportschutterslicentie vragen. Als de sportschutter dan kan aantonen dat hij actief lid is, kan hij opnieuw een sportschutterslicentie aanvragen. Ondertussen mag hij geen munitie voorhanden hebben voor de wapens die via zijn sportschutterslicentie zijn geregistreerd. Daardoor kan hij er ook niet meer mee schieten, tenzij hij voor zijn wapen(s) over een vergunning beschikt. De sportschutter kan ook bij de gouverneur een vergunning aanvragen om het wapen voorhanden te houden, maar dan zal hij een wettige reden moeten aantonen.

Bij elke beslissing tot intrekking door de federatie moet de provinciegouverneur bevoegd voor de verblijfplaats van de sportschutter worden ingelicht. De gouverneur kan dan bekijken of de betrokkene nog een andere wettige reden heeft om zijn wapens voorhanden te houden. Als geen wettige reden meer kan worden aangetoond, kan de gouverneur beslissen om de wapenvergunningen van de gewezen sportschutter in te trekken.